|
VRAAG 8 augustus 2006: Evaluatie van de referentiecentra |
|
|
Het RIZIV heeft een overeenkomst met vijf gespecialiseerde derdelijnsreferentiecentra voor patiënten die lijden aan het chronisch vermoeidheidssyndroom. Het gaat meer bepaald om de referentiecentra CVS van het UZ Leuven, UZ Antwerpen, UZ Gent, UCL en AZ-VUB. Die overeenkomst regelt de financiering van een multidisciplinaire diagnostische en therapeutische tenlasteneming door de verplichte ziekteverzekering ten behoeve van de patiënten die getroffen zijn door die aandoening. Er zou ook een evaluatierapport worden geschreven teneinde meer data te bekomen waaruit dan wetenschappelijk conclusies kunnen worden getrokken die het beleid terzake kunnen funderen. Eind maart 2006 liepen bovengenoemde revalidatieovereenkomsten af. In antwoord op een vorige vraag die ik U stelde hebt U gesteld dat U deze overeenkomsten verlengd hebt tot 30 september 2006. Begin maart van dit jaar was de evaluatiestudie nog niet klaar. In antwoord op een schriftelijke vraag van de heer Bultinck hebt U verklaard dat U het rapport verwacht tegen eind september 2006. Graag vernam ik van de minister : - Is inmiddels de evaluatiestudie afgerond ?
- Zo ja wat is het resultaat ?
- Welke politieke conclusies trekt de minister uit deze studie op het vlak van de erkenning van derdelijnsreferentiecentra, de behandelingsstrategie, de wachtlijsten ?
- In principe lopen de overeenkomsten af op 30 september 2006.
Worden zij tijdelijk nog verlengd in afwachting dat een nieuwe regeling in werking treedt ?
|